top of page

Selectieve verontwaardiging

  • 13 mrt
  • 3 minuten om te lezen

Beste leden, collega’s,


Mensen zijn complexe wezens, en politici weerspiegelen vaak de tegenstrijdigheden van onze samenleving. Dat wordt ons althans voorgehouden, en in zekere zin klopt dat wel, al is het debat soms wat uitvergroot. Neem nu het verhaal van de triazolen in het drinkwater van de Westhoek. Men kan de stelling hebben dat deze stoffen niet in ons kraantjeswater thuishoren, en terecht. Maar het is nu alsof ze er met opzet in worden gedumpt. Ze belanden er door het gebruik van bestrijdingsmiddelen tegen schimmels in de industrie, landbouw en huishoudens in het oppervlaktewater. Wat wel opvalt, is hoe politiek en publieke opinie hiermee omgaan: de ene politicus gaat realistisch om met het probleem, terwijl de andere het verhaal bewust opblaast om aandacht te genereren. En dat brengt me bij het thema dat ik hier wil aankaarten: de selectieve verontwaardiging in onze samenleving.


‘Triazolen zijn een aanslag op het milieu en de gezondheid van mensen die er ongewild aan blootgesteld worden,’ las ik onlangs op sociale media. ‘De landbouw zou maar biologisch moeten telen, dan hadden we dit probleem niet.’ De schrijver van deze woorden, op Facebook, was op zijn eigen profiel trots op zijn reis naar Nepal. Dat hij daarvoor bij grote waarschijnlijkheid het vliegtuig had genomen, en zo bijdroeg aan de luchtvervuiling die anderen ongewild inademen, leek hij niet te beseffen. Door het gebruik van niet-natuurlijke hulpmiddelen zorgt men altijd voor een impact op het milieu en daar moet iedereen er zich van bewust zijn. Het kan niet zijn dat men over anderen selectief verontwaardigd is terwijl men zelf dingen doet die impact heeft op de natuur en omgeving. Het is het eenvoudigst om een nultolerantie te verkondigen maar soms moet men durven te stellen dat handelen met normen die realistisch zijn en onder een schadelijke drempel voor mens en natuur ook een optie is.


Dit betekent niet dat we niet open moeten staan voor verbetering, maar het hangt ervan af hoe je ernaar kijkt. Deze week stond in de krant dat het aantal verkeersdoden nog nooit zo laag was geweest: 445 om precies te zijn. Voor mij blijft dit een groot aantal, maar volgens de publieke opinie is dit blijkbaar een faits divers. Men is er nu eenmaal aan gewend dat onze mobiliteit met de auto, in plaats van te voet, een zeker risico met zich meebrengt. Ook als je zelf niet de veroorzaker bent van een lichamelijk letsel, lijkt men dit risico te accepteren. Men is tevreden met een daling, hier streeft men kennelijk niet naar een totaal verbod van auto’s maar een beperking van de impact. De eerste geregistreerde verkeersdode door een gemotoriseerd voertuig in België dateert uit 1899, ongeveer dezelfde periode als de introductie van de eerste chemische bestrijdingsmiddelen (zoals de Bordeauxse pap tegen schimmels). Beide hebben sindsdien een enorme evolutie doorgemaakt en zijn buitengewoon efficiënter geworden.


Wat echter bijna volledig buiten de publieke opinie is gebleven, of slechts zeer beperkt aan bod kwam, is het feit dat onze democratie af en toe een flinke deuk oploopt. Onlangs las ik dat de minister in de asielwetgeving de uitspraak van het Grondwettelijk Hof naast zich neerlegde, een praktijk die overigens ook al onder de vorige regering voorkwam. Op enkele Franstalige partijen na bleef kritiek in het federaal parlement nagenoeg uit. Hierbij wordt de vraag van het Grondwettelijk Hof om de uitspraak van het Hof van Justitie in Luxemburg af te wachten simpelweg genegeerd, met als argument dat die uitspraak het gevoerde beleid zou bevestigen. Een voorafname op de onafhankelijke rechtspraak. Deze aanpak doet me denken aan hoe Ursula von der Leyen met de Mercosur-deal omging, al is haar bevoegdheid natuurlijk ruimer.


In afwachting van de uitspraak van het Grondwettelijk Hof over het N-decreet ben ik allesbehalve gerust door deze ontwikkeling. In hoeverre zal men de uitspraak respecteren, of zal men selectief aanpassen op basis van de publieke opinie? Ik weet het niet, maar ik wil graag afsluiten met een citaat uit de krant van grondwetspecialist Quinten Jacobs: “Iedereen die de rechtstaat een warm hart toedraagt, zou zeer ongerust moeten zijn. Dit is dezelfde reactie als die van Donald Trump na de vernietiging van zijn heffingen door het Amerikaanse Hooggerechtshof.” En dit zou veel schadelijker kunnen zijn dan het Westhoekdrinkwater uit de kraan.

Opmerkingen


bottom of page